21
02
2009

In de straten van de stad zie je wel eens een homo- of lesbiennekoppel hand in hand lopen. De reactie van de buitenwereld is hooguit een verraste blik. Maar het is niet altijd zo geweest. De verraste blik was vroeger een angstige vuist, een vuil geroep.
Hoewel holebi’s nog steeds af te rekenen hebben met discriminatie, is de algemeen heersende moraal ene van vrijheid. Die moraal is er niet zomaar gekomen.
Harvey Milk was de eerste Amerikaanse gezagsbekleder die er openlijk voor uitkwam homo te zijn. Vanuit die positie profileerde hij zich in het Amerikaanse politieke klimaat van de jaren ’70, gevuld met homohaat en jezusliefde. Zijn ideeën draaiden rond tolerantie voor minderheidsgroepen, niet enkel voor holebi’s, maar ook voor zwarten, Aziaten, senioren, gehandicapten.
Bijna per ongeluk maakte Milk politiek opmars in San Francisco, aanvankelijk in de homogemeenschap, om daarna heel de staat Californië te veroveren. Het epicentrum van zijn politieke campagnes was de uit de hand gelopen fotowinkel die hij met zijn partner Scotty opgestart had. Het werd een plek voor voorgeëngageerde homo’s, vechtend voor begrip en erkenning en brekend met het fanatieke katholicisme.
Regisseur Gus Van Sant start het verhaal van Milk (Sean Penn) in 1970 en doet het, zonder veel inspraak, eindigen in 1978, het jaar waarop Harvey’s bloeiende carrière abrupt een halt werd toegeroepen. Het begint met de vooravond van zijn 40ste verjaardag. Harvey ontmoet en versiert de jonge Scotty (James Franco) in de ondergrondse gangen van de stad. Even later, in bed, zegt hij: ‘Ik heb nog helemaal niks gedaan om trots op te zijn’.
De politieke wending in zijn leven lijkt een toevallige, niet gestuurd door machtshonger of een onderdrukt verlangen, maar door de simpele observatie dat er iets scheelt wanneer een fotowinkel geboycot wordt omwille van de seksuele voorkeur van de eigenaars. Harvey’s intenties zijn van een overwachte zuiverheid, die in deze dagen van politieke chaos meer dan aanspreken.
De film is dan ook genietbaar omwille van dat kader: de jaren ’70 waarin het, vermoedelijk vooral achteraf, duidelijk werd dat een schroef los zat in de Amerikaanse samenleving. Regisseur Van Sant, bekend van het hypnotiserende Elephant, gaat hier voor een realistische aanpak van de materie en mixt zijn beelden met documentaire-materiaal tot een vloeiend resultaat. Sean Penn is, zoals overal te lezen en te horen valt, zeer ok als halfkindse schenenschopper. In de bijrollen valt vooral Emile Hirsch op, die onlangs onder Sean Penns regie stond in Into the Wild.
Milk is niet echt opmerkelijk in uitvoering, maar vertelt een verhaal dat verteld moest worden. Geen kunstwerk, maar wel een entertainende en doorleefde geschiedenisles.
Comments : 1 Comment »
Categories : biopic
7
01
2009

Een 62-jarige man zit in zijn appartement. Er lopen enkele katten rond. Het is er donker, rommelig en kleurloos. Het gaat niet goed met Mr Lazarescu. “Ik heb al de hele dag hoofd- en buikpijn”, zegt hij wanneer hij een ambulance belt. Wanneer die niet onmiddellijk komt, vraagt hij de buren om wat pijnstillers. “Heb je weer gedronken?”, is hun eerste reactie.
Even daarna komt een ambulancier van middelbare leeftijd naar boven. Ze onderzoekt Mr Lazarescu en oordeelt dat hij best naar het ziekenhuis gaat. “Mag ik even een sigaret in de keuken roken?”, vraagt ze nog.
De titel van de film doet de uitkomst al vermoeden. 150 minuten lang volgen we de dodentocht van Mr Lazarescu, van zijn appartement tot het eerste ziekenhuis en de ziekenhuizen die volgen. Op dezelfde avond is er immers een zwaar verkeersongeluk gebeurd en is er nergens plaats voor Mr Lazarescu – een antithese van het Bijbelse geboorteverhaal.
De ambulancier Mioara, steevast gehuld in een fel oranje veiligheidsvestje, blijkt de enige verzorger van de eenzame Mr Lazarescu en neemt die rol dan ook op zich. Ze voert hem van de ene plek naar de andere, praat met dokter na dokter en zoekt mee naar een diagnose. Zij is, samen met de kijker, de enige getuige van de brutale achteruitgang van Lazarescu’s gezondheid. Waar de man in het begin nog wandelt en praat, begint zijn lichaam na verloop van tijd stroef te worden en zijn woorden troebel. We zien het leven uit de man verdwijnen, maar wat uiteindelijk in de weg staat, is niet het zieke lichaam, maar kleine toevalligheden en menselijke wisselvalligheid.
Zo hoort Mioara van een kauwgumknabbelende dokter dat Mr Lazarescu zo snel mogelijk geopereerd moet worden, maar dat hij geen tijd heeft om de operatie uit te voeren, en gaat dan maar naar een ander ziekenhuis waar ze het doktersadvies doorgeeft. Dat lokt niets anders dan een verdrukkende discussie over medische hiërarchie uit: “Wie denk je wel dat je bent dat jij ons gaat zeggen wat wij moeten doen?”. Het vijandige van de situatie drukt haar in een hoekje en snoert haar de mond. Mr Lazarescu is bijzaak geworden in de ziekenhuiskamer.

Hoofdzaak voor de een is bijzaak voor de ander en uiteindelijk speelt niemand de hoofdrol. Regisseur Cristi Puiu past dit toe op zijn film, een medium waarin zaken ingedeeld moeten worden in hoofd- en bijzaak, narratief en nutteloos. Hoewel Mr Lazarescu de hoofdrolspeler van de film is, neemt die vaak geen centrale positie in. De brancard waarop hij ligt, staat op een bepaald moment letterlijk achter een alledaags gesprek over de echtgenoot van de verpleegster.
De horror zit hem in de nadruk op onbelangrijk lijkende dingen die het podium inpalmen: een chirurg die over de batterij van zijn gsm begint, Mioara die over koetjes en kalfjes praat, de subtiele seksistische toon die een dokter tegenover een verpleegster aanslaat. De film is gevuld met details die de echtheid tot een ondraaglijk niveau brengen.
Tegelijk is er geen grote boosdoener, enkel een reeks mensen voor wie leven en dood een beroep is. Als kijker lukt het niet helemaal om de schuld op hen te steken – het zijn vermoeide professionelen, gefrustreerde, uitgebluste, maar ze zijn nooit kwaadaardig of contextloos.
Cristi Puiu tekent zijn verhaal rond het gapende tekort van de menselijkheid, ergens tussen schuld, onmacht en verantwoordelijkheid, waarin voor de kijker vooral het triviale van een enkel mensenleven naar boven komt. Wij delen de blik van de camera op een stervende Mr Lazarescu, maar vangen tegelijk een glimp op van de duizend randsituaties rond hem, en beseffen dat Mr Lazarescu, hoewel hoofdrolspeler, ook maar een van de duizend is. En dan is het tragische van het bestaan misschien niet onze dood, maar het triviale ervan.

Comments : No Comments »
Categories : Uncategorized
7
01
2009
1. The Dark Knight
2. In Bruges
3. El Orfanato
4. Hunger
5. Linkeroever
6. There Will Be Blood
7. Julia
8. Cloverfield
9. Into The Wild
10. Funny Games US
en ook:
Happy-Go-Lucky
Before the devil knows you’re dead
Import/Export
Comments : 1 Comment »
Categories : Uncategorized
11
12
2008

Dat 9/11 een impact heeft op de Amerikaanse cinema, was met films als War of the Worlds en Cloverfield al duidelijk. Met The Day The Earth Stood Still wordt die trend verdergezet en is New York opnieuw het slachtoffer van een alien attack. De alien is in dit geval een gigantische lichtgevende bol die recht in Central Park landt. De overheid roept een groep van wetenschappers samen om het vreemde fenomeen te onderzoeken. Vertoont de bol teken van intelligent leven? Gaat het om een aanval of een vriendelijk bezoek? En dan wordt een man (Keanu Reeves) uit de bol geboren, die de vragen stukje bij beetje beantwoordt.
We volgen het spektakel door de ogen van Helen Benson (Jennifer Connelly), wetenschapper en stiefmoeder van de jonge Jacob. Ze is ervan overtuigd dat de buitenaardse bol en Keanu onderzocht moeten worden voor een respons van geweld moet komen. Daar wil de officier van defensie (Kathy Bates) aanvankelijk niks van horen. Ze laat het leger een abrupte oorlog starten.
Het eerste deel van The Day The Earth Stood Still, een remake van de naar het schijnt fantastische gelijknamige film uit 1951, is meeslepend: de landing van de mysterieuze bol, het eerste contact met de wetenschappers, de keuze tussen een vredevol en een gewelddadig antwoord. Tussen de regels door worden vragen gesteld over de natuur van de mens. Zijn wij als ras destructief? En zo ja, verdienen wij dan wel leven op aarde? Als oorlog ons eerste antwoord is op iets onbekend, staan we dan uiteindelijk niet in voor onze eigen uitroeiing?
Maar The Day The Earth Stood Still blijkt dan toch de Hollywoodziekte in zich te dragen. Rond de helft gaat de subtiliteit immers verloren. De kijker wordt geen vragen meer gesteld, maar antwoorden ingeramd. De moraal begint steeds meer te lijken op het geweld van het Amerikaanse leger tegen de bollen: ongevraagd, onnodig en bruut.
Het is geen toeval dat de kwaliteit tuimelt met de intrede van Keanu Reeves. De acteur tracht een buitenaards wezen te vertolken met een rustige dreiging en een afgestreken gelaat, maar stokt ergens tussen Neo-cool en zero dreiging.
Jennifer Connelly is goed als altijd, maar zoals altijd om dezelfde reden, namelijk haar bedaarde blik waar steeds tranen in verschuilen en een zachte, maar kordate stem. Toch gaat haar vertolking op bepaalde momenten gebukt onder de bruutheid van het scenario (”We can change. People can change”). Daarnaast ruiken de momenten met haar bijzonder irritant zoontje, een filmkindje (nvdr: een personage dat geen uitstaans heeft met een echt kind, maar er is om de plot vooruit te helpen) naar sletterig sentiment.
Ergens is een film als The Day The Earth Stood Still een bijzonder grote zonde, omdat de boodschap onmiskenbaar positief is, maar zo nadrukkelijk gebracht wordt dat hij weer weerstand oproept. Misschien is het menselijke ras dan toch wel destructief om zoiets moois af te breken.
-> zie www.kutsite.com
Comments : 2 Comments »
Categories : civil criticism, thriller
21
11
2008
Nu steeds duidelijker wordt dat de hoogdagen van de Amerikaanse horrorfilm opnieuw achter de rug zijn, profileert een ander land zich des te meer als de voortrekker van het betere horrorwerk: Frankrijk.
Alexandre Aja gaf de industrie in 2003 een boost met Haute Tension, een nagelbijtende, postmoderne horrorfilm waarin een vrouw belaagd wordt door een onbekende killer. En het beste bleek nog niet voorbij.
Alexandre Bustillo en Julien Maury vertrokken voor À L’Intérieur (Inside) van een gelijkaardig eenvoudig idee. Sarah is een hoogzwangere vrouw die net haar echtgenoot verloren is in een auto-ongeluk. Op de avond voor ze het ziekenhuis in moet, krijgt ze bezoek van een onbekende dame die op één ding uit is: haar baby. Maar daarvoor moet de vrouw eerst voorbij Sarah geraken.
Net zoals in Haute Tension, en misschien wel in alle horrorfilms, speelt het binnentreden een belangrijke rol: een inbraak in de veiligheid van een huis, de indringing in het lichaam. Maar À L’Intérieur heeft zijn naam niet gestolen. Het binnendringen draait ook rond een specifieker idee: de diefstal van een levend wezen uit het lichaam.
Voorop staat dan ook het gevecht dat een moeder levert voor het nieuwe leven binnenin. En dat is een allesbehalve eenvoudige. De filmmakers sparen de kijkers niet van snijdende spanning – meer nog, À L’Intérieur moet zowat een van de meest intense horrorfilms van de laatste jaren zijn. Met een sobere, donkere visuele stijl en een huis waarin steeds een schijnbare mist dwaalt, blijft het regisseursduo de akelige sfeer steeds opdrijven. Daarnaast is er ook een immense hoop gore – de liters bloed zijn na verloop van tijd niet meer te tellen.
Maar daaronder stroomt ook een tragiek die de ware horror zijn betekenis schenkt: een vrouw die rouwt om haar echtgenoot, een moeder die haar kind van gevaar beschermt. Alysson Paradis (zus van Vanessa) speelt Sarah met een dergelijke fragiliteit en tegelijk onvoorstelbare moed dat À L’Intérieur niet enkel angst aanjaagt, maar ook ontroert en bijna een ode is aan de menselijke kracht. Die sérieux maakt deze film dan ook een stuk kwalitatiever dan het eerder speelse Haute Tension.
Maar laat deze lofbetuigingen ook een waarschuwing zijn. À L’Intérieur is een strikte afrader voor de doelgroepen zwangere vrouwen of zij die dat gauw willen zijn. Een horrorfilm hoort te prikkelen en de kijker met naalden door het scherm te porren, maar À L’Intérieur laat vlijmscherpe messen door het scherm komen – een prikkeling op het randje van een overprikkeling. Aan u de keuze of u de mespunten laat doordringen.
Comments : No Comments »
Categories : horror