Filmfestival Gent 2006
U wenst een perfect gebit? U wenst een rode sportwagen? Wel, u krijgt enkel een verslag vanop het filmfestival van Gent - al was het maar om u te leren dat uiterlijke en materiële zaken van ondergeschikt belang zijn.
Dinsdag was dag één. En welke appels vielen van de boom? Uw filmslaaf deed langer dan gezond de ogen open, en zag dat Genesis goed was. Vier films onder het netvlies, met elk de hoop een plaatsje te krijgen in het langetermijngeheugen.
‘Awesome, I fuckin’ shot that‘: ‘an official bootleg’ van het concert dat the Beasty Boys in New York City gaven twee jaar geleden. Daarbij deelden ze een vijftigtal camera’s uit aan onschuldige fans, met de boodschap ‘doe er iets mee’. Alle weergaven van het festival werden vervolgens gemonteerd in een extreem flitsende film: als u van opzwepende muziekoptredens houdt, zal u dit awesome vinden.
‘The fountain‘, de langverwachte nieuwe film van Darren ‘Requiem for a dream‘ Aronofsky, bleek een brok poëzie, een opgewaardeerde tearjerker en een visuele trip tegelijk. En geef toe: erg slecht klinkt die combinatie niet.
‘First Love‘, een Japanse film, was dan weer een lovestory asian style, een verhaal dat zich subtiel doorheen absurd lijkende plotwendingen nestelt en zich uiteindelijk out als een liefdesverhaal.
‘Brick‘ bleek toch de verrassing van de dag (de vlieg in de soep niet meegerekend): een film noir, gesitueerd niet in de zwart-witte Humphrey Bogart-wereld van de jaren ‘50, maar in de (post)moderne high school. De film weet de balans van beide gewichten (film noir/teen pic) stabiel te houden en dat is best wel een prestatie: het behoudt de ernst van een rasechte Humphrey Bogart, maar knipoogt tegelijk enkele keren naar de hybride wereld van gangsters/schoolgangers. Gewaagd en geslaagd en dus een dubbele aanrader.
‘Shortbus‘ was dè schandaalfilm op het filmfestival van Cannes en dat is even begrijpelijk als onnodig: er komt veel expliciete seks in, maar tegelijk verloopt het verhaal vrij conventioneel. Visueel gewaagd, tot je beseft dat de uitdaging bij de ogen stopt.
‘Uro‘, een Noorse film over een undercover-cop tast de relatieve grenzen tussen goed en kwaad af. Mooi opzet, maar het heeft helaas tot gevolg dat je ook als kijker geen standvastigheid in het verhaal vindt.
‘Children of men‘ is de nieuwste van Alfonso Cuarón, de regisseur van ‘Y tu mamá también‘. Het verhaal speelt zich af in 2027, een twintigtal jaar nadat alle vrouwen onvruchtbaar zijn geworden. We krijgen een intrigerend beeld van een apocalyptische wereld, maar de film blijft steeds minder overweldigend als ‘28 days later‘.
‘Stephanie Daley‘ is het relaas van een tienermeisje dat beschuldigd wordt van moord op haar baby, terwijl zij zelf beweert niet eens te weten zwanger te zijn. Via de gesprekken met een zwangere gerechtspsychologe (Tilda Swinton!) krijgen we in flashbacks het verhaal van Stephanie, maar ook dat van de psychologe. Intrigerende montage tussen twee personages en twee tijden.
‘Lovesick‘ is een Roemeense film over de relatie tussen twee meisjes. Mooi verhaal, al blijven sommige vragen onbeantwoord. Maar is dat net niet waar liefde om draait?!
‘Half Nelson‘ is het verhaal van een populaire leraar in een school met zwarte jongeren. Wat die leerlingen echter niet weten, is dat hun favoriete leraar tegelijk druggebruiker is. Op een dag betrapt een van zijn leerlingen hem tijdens het zetten van een shot en dat zet een bizarre verhouding tussen beide in gang. Goed geregisseerde, genuanceerde tranche de vie dat echter op het einde veel van zijn pluimen verliest.
Een vette gehaktbal, een brok miserie, en korte besprekingen: u moet wel eens slikken in het leven. Zie:
‘Princess‘: Deense animatiefilm over een vijfjarig meisje dat met haar oom op radicale manier wraak neemt op de pornoindustrie na de dood van haar moeder/pornoactrice. Even origineel als uitdagend, even rauw als mooi. wow.
‘Sherrybaby‘ gaat over een white trash moeder die net uit de gevangenis komt. Het is Maggie Gyllenhaal die deze weekendfilm tot een goede en genuanceerde weekendfilm omtovert.
‘Offside‘ is een film van Iraanse makelij, over enkele vrouwen die niet toegelaten worden op een voetbalwedstrijd. U kan er een maatschappijkritische prent in zien, maar ook vooral een geforceerde en irritante komedie.
‘Linda Linda Linda‘: Japanse tienerfilm (ze bestaan!) over vier meisjes die een band starten. Luchtige en grappige film, die echter weinig vet om het skelet heeft. (het liedje ‘Linda Linda’ blijft trouwens nog dagen in het hoofd haperen)
‘Je vais bien, ne t’en fais pas‘ is een Franse film pur sang: heerlijk traag opgebouwd, mooie vertolkingen en als een vangnet rond uw hoofd.
‘Wristcutters - A love story‘ is een typische Amerikaanse independent picture (een indie-pic): het heeft een origineel en gewaagd uitgangspunt (jongen pleegt zelfmoord en komt in het hiernamaals, een dorre versie van de levende wereld) en underground acteurs (Patrick ‘Almost Famous’ Fugit en de heerlijke Shannyn Sossamon), maar lijdt tegelijk ook aan de typische kwalen van de indie-pic (uitmelken van een cool idee).
‘The Peter Pan formula‘: Zuid-Koreaans verhaal over een jongen wiens moeder zelfmoord tracht te plegen, maar als een (uitgedroogde) plant in een ziekenhuisbed eindigt. Ondertussen begint het oog van de jongen op de buurvrouw te vallen. Mooie film die bewijst dat het toch de Aziaten zijn die als de beste verhalen poëtisch weten te vertellen.
‘Lucy‘ lijkt ‘L’enfant: the sequel’: naturalistisch vertelde Duitse film over een ietwat marginaal tienermeisje, haar kind, en haar nieuw lief. Helaas blijf je als kijker op afstand van de personages en kan je enkel 90 minuten naar bewegende beelden op een scherm kijken.

Een laatste beschouwing vanop het filmfestival van Gent 2006:
‘Knallhart‘ is een Duitse film over een 15jarige jongen die in de Berlijnse maffia terechtkomt en langzaam wegzakt in zijn eigen drijfzand. Erg goede, mee-levende film, dankzij de functioneel chaotische regie en de vertolking van hoofdacteur David Kross.
‘Dreamland‘ is een film over drie jongeren in een trailerpark in het midden van de woestijn. Het is spijtig te zien hoe de schoonheid van deze locatie afsteekt tegen de banaliteit van het verhaal. Daarenboven lijkt hoofdactrice Agnes Bruckner weggelopen uit een aflevering van Baywatch, waardoor haar aanwezigheid in een desolaat trailerpark nooit geloofwaardig wordt.
‘Madeinusa‘ is het verhaal van een Peruviaanse stam die verstoord wordt door een stadsbewoner. Helaas maken de irritante personages en de ongepast claustrofobische sfeer van deze film een vrij onaangename kijkervaring.
‘La Perrera‘, een prent uit Uruguay, zet jongeman David in beeld, nadat die door zijn vader het huis wordt uitgegooid. Een mooie film zonder echt verhaal, maar met een lekker chill sfeertje.
‘Glue - Historia adolescente en el medio de la nada’ is een Argentijnse coming of age-film over de driehoeksverhouding tussen twee jongens en een meisje. De film lijkt wel op een homevideo die je tien jaar na opname vol melancholie bekijkt en waar je even stil van wordt.
‘El método‘ is de Spaanse bewerking van een toneelstuk over een zevental zakenlui die solliciteren voor dezelfde positie in een bedrijf. Hoewel het kruim van de Spaanse acteursgilde een leuk opzet creëren, slaagt de film er nooit in te overtuigen.
‘Kung Fu-master’ is dan weer de film die avant-garde pionier Agnès Varda in 1987 maakte. Jane Birkin speelt een 40jarige moeder die verliefd wordt op een 14jarig vriendje van haar dochter (real-life dochter Charlotte Gainsbourg) en er uiteindelijk een relatie mee begint. Het verhaal op zich is provocerend, maar Varda maakt er vooral een mooie film van.
De kans dat het echter ‘El Laberinto del Fauno‘ is die de grootste indruk op u nalaat op het filmfestival van Gent, editie 2006, is bijzonder groot. Deze onwaarschijnlijk goede film van Guillermo del Toro vertelt over Ofelia, een meisje dat in 1944 met haar zwangere moeder meegaat naar de uitvalbasis van haar stiefvader, een imperialistische legerkapitein (een bijzonder evil Sergi López). Het complexe verhaal combineert de situatie van dreiging en agressie in het landgoed met een al even dreigende fantasiewereld van Ofelia. Het kleine meisje ontmoet in de bossen immers een Faun - een wezen uit de Griekse mythologie - die haar voor een serie waanzinnige uitdagingen plaatst. De kijker wordt meegevoerd in Ofelia’s duister sprookje - het lijkt een uitgespatte versie van de reële oorlogssituatie rondom haar. Deze vermenging van gesublimeerde fantasie en schokkende realiteit maakt van ‘El Laberinto del Fauno’ tegelijk een mooie als gruwelijke film. En dat levert de even ironische ontdekking op dat een fantasierijke film als deze de horror van een oorlog misschien realistischer in beeld brengt dan een documentaristische oorlogsfilm à la Black Hawk Down. Ga deze compromisloze, ijzersterke en bloedmooie film zien - vanaf 22 november in ùw bioscoop.
Thanks 4 tuning in.





i looked “First love”. Really nice cinema work. I love japanise style
gret review list
thx u!
Keep up the good work … het is geweldig