Anima 2008

15 02 2008

anima-b.jpg 

We stapten in de auto en vertrokken. Het was laat en voor ons gebruikelijk dessert was het al helemaal te laat. We reden, onvoldaan, maar lachend, door drukke straatjes met straathoertjes waar iemand al van had gehoord, via scherpe bochten die niemand kon nemen zonder te fronsen. “We zijn laat”, zei onze chauffeur. “Welnee”, zei onze passagier. En toen, toen gebeurde het. De klokken werden gestopt en iedereen stond stil. Wij reden, zonder moeite. Door een Brussel vol bevroren voetgangers op een winterdag die nochtans de eerste tekenen van lente vertoont, vol gekromde auto’s in scherpe bochten en stilstaande fronsen op gezichten. Wij kwamen toe, op tijd. En de tijd, die startte opnieuw.

Aangekomen, leek vanalles te gebeuren. Kleine eekhoorntjes met hamertjes, soldaten op verlaten eilandjes. Toen we de poorten van hun kasteel binnenreden, startten ze het feest. “Daar zijn ze”, riep iemand achterin, alsof hij in een xtc-gedreven reclamefilmpje meespeelde. De chauffeur zei “Drie tickets voor Anima.”
En toen zaten we op de trap. De tijd die voor ons had stilgestaan, haalde het universum nu in; na elke plus een min. “Technische moeilijkheden”, zeiden ze, maar wij wisten wel beter. Na veertig minuten wachten begonnen we het systeem echter te verdenken van vals spel. Het moet zijn opgemerkt, want plots gingen de deuren open. “Sorry voor de technische moeilijkheden”, zei een wonderbaarlijk verbale vrouw met rode broek, op het podium. We wilden rechtstaan en schuld bekennen, maar deden het niet. Onze min was al opgeroepen; onze plus was al rechtgezet.

Rode draad van de voorstelling was ‘Siggraph’, een jury uit San Diego die jaarlijks ‘s werelds beste animatiekortfilms uitkiest. Siggraph is een soort Oscarverkiezing, maar dan enkel en alleen voor korte animatiefilms. De winnaar krijgt zelfs automatisch een Oscarnominatie in de categorie Beste Geanimeerde Kortfilm.
Het eerste filmpje kwam uit de stallen van Weta Digital, het speciale effecten-huis achter Lord Of The Rings en King Kong. Tot de verbazing van iedereen die zich aan animatie verwachtte, bleek het een real-live filmpje te zijn, maar met geschifte special effects. Een man struikelt op een steile straat en rolt die straat af. Hij veroorzaakt een letterlijk sneeuwbaleffect: er worden andere mensen meegesleurd, fietsen en auto’s. Het lijkt wel de lalala-versie van het HIV-bewustmakingsfilmpje een tijd terug. Op het einde van de rit blijkt het een reclamefilmpje voor een verzekeringsmaatschappij. Lalala.
Hierna kwam Scrat op het scherm, het lieve beestje uit Ice Age dat steevast zijn dierbare noot beschermt, maar hem toch keer op keer kwijtgeraakt. Het populaire pluchen personage heeft blijkbaar zijn eigen kortfilm, No Time For Nuts. Hilarisch trouwens.
Andere hoogtepunten waren Ark, En Tus Brazos, Lifted en The Itch. Ark is een visueel overdonderend, apocalyptisch verhaaltje van een man die ontdekt dat hij besmet is met een virus dat de wereldbevolking heeft uitgeroeid.

51zfe78ytcl__aa240_.jpg 

En Tus Brazos toont de passie van de tango en bewijst met de luttele twee zinnetjes dialoog de Spaanse ziel niet te missen. En met Lifted toont Pixar zich nog steeds de koning van de schattige animatiefilm.
Maar The Itch was misschien wel het hoogtepunt van de avond: een kort, simpel, absurd verhaaltje zonder overdonderende animatie, maar misschien daarom net zo verschrikkelijk ontroerend.
Verder waren er nog een hoop bindfilmpjes waarin mensen digitaal zijn, licht real-time schijnt en huid enkel digitaliteit overspant. “De mensheid kan zichzelf wel eens verliezen”, zei onze chauffeur. Of hij het luidop zei, wisten wij niet.

Buiten de zaal waren er drankjes, witte, rode, die met bubbels en die zonder. Maar ons oog was gericht op animatie. Met 24 grote blokken maakten wij 24 beelden, die we voor onze ogen lieten afspelen tot ze veranderden in het huis waar we die avond in woonden. Het had een dak, een deur en een raam. Af en toe passeerde een vriend met een klein carreautjeshemd. Hij gaf ons eten, zomaar en voor niets. We hadden hem in huis gehaald, maar dan was het dak ingestort, de deur versperd en het raam gebarsten.
En toen, toen vertraagden de beelden. Van 24 naar 20. Van 20 naar 12. Tot de hartslag van onze architectuur stopte en wij overbleven in de stilte.



Aanrijding in Moscou

6 02 2008

dyn005_original_1500_1000_pjpeg_2607002_92dcd416c99c4552f2c07623a1cc7ab3.jpg 

Het gaat goed met de Vlaamse film, zegt men. Zoals men het betaamt, heeft men zelden ongelijk. We kregen in 2007 internationale aandacht (Ben X), kassuccessen (Vermist) en een ongewoon goede film (Dagen Zonder Lief). We kregen een vinger, maar dit jaar grijpen we een arm. De hongerige Vlaming wordt in 2008 maar liefst vijftien nieuwe films van eigen bodem beloofd. Na Small Gods is er nu Aanrijding in Moscou. En kijk, het is opnieuw een fantastisch exemplaar.
Het mooie aan een nationale cinema is de mogelijkheid om een eigen cultuur op te bouwen en uit te stralen. Het is een schijnbare evidentie, die soms verloren dreigt te gaan onder films die meer weg hebben van Hollywood dan van wat anders, films als De Zaak Alzheimer en Vermist, waarbij de liefde voor de Amerikaanse genrefilm die voor het Vlaamse land verdringt. Maar dan komt ook een film als Aanrijding in Moscou, die bewijst dat Vlaanderen nog niet verdrongen is.

Alles begint met Barbara Sarafian. Het vermoeide, afgeleefde, triestige gezicht van de fantastische Barbara Sarafian, terwijl ze inkopen doet in de Colruyt (waar anders). Om haar zware leven nog eventjes erger te maken, rijdt ze op de parking tegen de vrachtwagen van camioneur Johnny (wie anders) aan. De blikschade is de katalysator van een bizarre romance. Een romance die je enkel op plaatsen vindt waar men bloedworst eet en pinten drinkt. Ja, dit is Vlaanderen. En specifieker, dit is Gent. De Gentse wijk Ledeberg is namelijk het decor voor de relatie die nooit perfect is, nooit allesoverheersend of los van praktische zaken, maar die een gloed van ware schoonheid voortbrengt.

Maar schoonheid brengt schoonheidsfoutjes met zich mee: de iets te lange duur, de voorspelbaarheid van sommige plotwendingen en de muziek met een ongepast hoog Amélie Poulain-gehalte vallen op. Maar met Aanrijding in Moscou is het zoals met de liefde: we vergeven de foutjes even snel als we ze opmerkten. Geen wonder dat Gent een hoofdrol speelt: net als de film is het kleiner en gevoeliger dan het zware geschut, maar onweerstaanbaar mooi.

-> zie www.kutsite.com



Lust, Caution

6 02 2008

10_lustcaution_lg.jpg 

Undercover spionage, verhalen van geveinsd vennootschap en verraad, blijft een dankbaar onderwerp in de bioscoopzaal. Films als Donnie Brasco en The Departed brengen die unieke sfeer van spionnenparanoia in beeld, met koortsig zweet als antwoord op de meest belangrijke vraag: wie weet wat? Ook Ang Lee, bekend van de hedendaagse klassiekers Sense and Sensibility, The Ice Storm, Crouching Tiger, Hidden Dragon en Brokeback Mountain, heeft het in zijn nieuwste film over spionage. In Lust, Caution (Se, Jie) focust hij echter niet zozeer op het dreiging van de ontmaskering, maar plaatst hij aanvankelijk de politieke context centraal, om dan over te gaan tot het thema van de hartverscheurende liefde.

Het verhaal van Lust, Caution speelt zich af tussen de jaren ‘38 en ’42, voor en tijdens Wereldoorlog II. Wong Chia Chi is een Chinese studente die zich aansluit bij een amateuristische theatergroep, die wraak wil nemen op de Chinese overlopers bij de Japanse bezetters. De verzetsbeweging vat het plan op om te infiltreren in de hogere sociale kringen van de collaborateurs. Daarin speelt het verlegen meisje Wong een belangrijke rol. Ze vormt zichzelf uiterlijk en qua gedrag om tot Mrs Mak, de echtgenote van de belangrijke zakenman Mr Mak. Na korte tijd is ze deel van een groep mahjong-spelende, sigaret-rokende desperate housewives. Een daarvan is Mrs Yee, de echtgenote van het ultieme doelwit van de verzetsgroep, Mr Yee, de moordenaar van vele Chinese verzetsstrijders.

In het eerste, langste deel van Lust, Caution krijgen we een ietwat afstandelijk beeld van het hardnekkige idealisme van de Chinese studenten en de schijnbare luxeleventjes van de collaborateursvrouwen. Wanneer Wong een strategisch bedoelde affaire aangaat met Mr Yee, komt echter een welgekomen sfeerswitch in de twee en een half uur durende film. Die relatie betekent een lichamelijke synergie tussen de twee tegengestelde partijen, maar tegelijk een grensvervaging binnen Wong zelf. Met elke stomende vrijpartij brokkelt een steen van de muur tussen haar en haar rol. De politieke strijd uit het eerste deel wordt een interne strijd en die wending maakt van Lust, Caution plots een erg emotionele film. Slimme zet van Ang Lee om zich niks aan te trekken van de NC-17 rating (niemand onder 17 toegelaten) die de Amerikaanse censuurcommissie zijn film oplegde. De enkele seksscènes ademen lust en verlangen en maken het hele conflict des te duidelijker. En daarmee bewijst Ang Lee wat wij al vreesden: verboden vruchten zijn steevast de lekkerste.

-> zie www.kutsite.com