
Neen, geen filmfestival voor hardcore homoporno, al scheelt het niet veel. B-movie Underground Trash is een jong Nederlands filmfestival, waarin gedurende drie dagen het scherm volgestouwd wordt met ziekelijke goorheid. Fan ben je best eer je er een stap binnenzet. De locatie: Electron in Breda, een oude fabriek in Nederland die tegenwoordig vooral gebruikt wordt voor grote culturele evenementen.
We treden een grote hal binnen met een 50-tal Grolsch drinkende mensen. Er zijn twee filmzalen. Beneden is er een hangar met ongeveer 150 zitjes in het midden. De ruimte kan niet verbergen dat ze ooit een fabriek was: veel te hoge plafonds, bruinige wanden, gore geur. De andere zaal bevindt zich op de eerste verdieping. Een smal houten trapje leidt ons naar boven. De zaal is er zo donker dat je de horrorkunst amper kan zien. Het bovenzaaltje waar onze film doorgaat is mini. Wij bezetten vier van de slechts veertig stoeltjes met onze buts. Een van ons zou de film echter voortijdig verlaten. Wisten wij veel.
August Underground was onze lukrake keuze. De Amerikaanse film werd een succes in een circuit van alternatieve filmfestivals en verwierf door de jaren heen een groeiende cultstatus. Er kwamen zelfs twee vervolgen. De film, zo vertelt de man naast ons, komt als snuffmovie zo realistisch over dat de regisseur er al voor gearresteerd werd. ‘Als je het eerste kwartier doorkomt, is het al veel’, waarschuwt hij ons. Ook regisseur en hoofdacteur Fred Vogel, persoonlijk aanwezig op het BUT, belooft ons in zijn inleiding op de film ‘I hope to shock and offend you as much as possible’.
Underground is vrij letterlijk te nemen in het geval van August Underground. In de eerste scène dalen twee mannen enkele trappen af en komen in een groezelige kelder vol vuilnis, bloed en kak. Een vrouw is vastgebonden. Ze is naakt en gruwelijk verwond. Alles wat de kijker ziet, is de zogezegde home movie van twee ziekelijke moordenaars. Dit is The Blair Witch Project vanuit het standpunt van de kwelgeesten. De kwaliteit van de film is op een groot scherm navenant: pixels zo groot als Rubic’s Cubes, misselijkmakende camerabewegingen. Maar het is vooral de inhoud die de maag doet keren: twee dikke losers die de film lang mensen lastigvallen, terroriseren, vernederen, martelen, doden. Ons gezelschap verdunt bij de scène waarin uitwerpselen in de mond van een vrouw gestoken worden. Later volgen nog scènes waarin het duo een vrouw oppikt en ze na seksuele handelingen neerslaat, een koppeltje lastigvalt in een supermarkt (‘I want you to sniff her ass, man’) en een lange sequens met twee entertainende prostituees.
De twee seriemoordenaars zijn eigenlijk volwassen pubers met een afgedwaalde geest, alsof ze in een computerspelletje leven waar destructie punten oplevert. Geen koelbloedigheid, maar wel onnozel gegiechel bij ranzige opmerkingen en puberale opwinding bij kinderachtige uitdagingen. Het maakt van August Underground een moeilijke film om naar te kijken: je wordt gedwongen mee te kijken met twee zieke geesten die toch menselijker zijn dan Hannibal Lecter.
Wanneer het doek na 70 minuten valt, komt Fred Vogel, die een van de moordenaars vertolkt, voor het publiek staan. Even hangt kwaadheid in de lucht, maar eens de realiteit de suspension of disbelief inhaalt, blijkt dat de man wel iets te vertellen had met August Underground. Vogel wilde het concept van seriemoordenaars, vaak verhollywood als coole, intelligente übermenschen, ontmantelen in zijn goorheid en losmaken van welke glamour dan ook. Bij deze is hij in zijn opzet geslaagd. Toch blijft de vraag hangen waarom kritiek vaak zijn tegendeel inhoudt: hoe komt het dat een film die kritisch staat tegenover filmgeweld zelf zoveel geweld bevat? Is het niet mogelijk om Ghandi achterna te gaan en oorlog te bestrijden met vrede? Is een wapen bestrijden met een groter wapen een verdediging of een nieuwe aanval? Vragen die David Cronenberg ook opriep met zijn History of Violence.
Tijd voor een nieuwe grolsch. Fred Vogel zit rustig met zijn vrouw aan een tafeltje, en in een kort gesprek blijkt dat de man zelf ook niet gespaard is van gruwel: enige tijd na het uitbrengen van August Underground werd Vogels neef vermoord. De filmmaker zat met de angst dat de moordenaar de ziekelijke daad gepleegd had op basis van zijn eigen film. Een schuldgevoel dat enkel regisseurs van horrorfilms kan treffen. Zelf kijkt hij echter bijzonder graag naar horrorfilms: als invloeden haalt hij het Belgische C’est arrivé près de chez vous aan. Zelfs die andere Belgische film, Calvaire, sierde ooit zijn televisiescherm, hoewel hij die ‘a bit too slow’ vond. Van Haute Tension genoot hij dan weer wel door en door. Enkele redenen om de man een grolsch te trakteren.
Om halfeen start onze nieuwe activiteit: Jack Stevenson Totally Uncensored: A History of Scandinavian Sex Cinema. Met deze aantrekkelijke titel is het geen wonder dat de grote zaal vol zit. Er volgt een twee uur durende voordracht over de invloed van de Scandinavische adult movie industry op Hollywood in de jaren 60-70. Stevenson is een Amerikaanse professor in film die al enkele jaren in Denemarken woont. Hij is de geknipte leraar voor het onderwerp. Hoewel een lesblok na middernacht geen evidentie is voor een groep waarvan de helft voor het woordje ’sex’ in de titel kwam en de andere helft iets teveel grolsch op heeft, houdt Stevenson de meesten aandachtig. Zelfs een bijzonder dronken man met baardje en muts stelt hier en daar een intelligente vraag.

Stevenson start met enkele Amerikaanse trailers van Europese films. Bijzonder grappig om te zien hoe de films gepromoot werden als pornofilms, hoewel het vaak levensbeschouwende kunstfilms waren: een beeld van een kuierende vrouw in een jurk krijgt het hoogdravende commentaar ‘the story of an unmarried woman’. Hollywood lag in die periode onder een zware censuurcommissie, waardoor elke aangelegenheid om zelfs maar een blote knie op het scherm te aanschouwen, uit vrijzinnig Europa moest komen. We waren nog ver af van de dvd- en internetporno industrie, die zowat elk lichaamsdeel in een klik de huiskamer binnenbrengt. Toch, wat een motivatie van zowel makers als kijkers om er bijna elke arthousefilm te laten uitzien als een wilde, erotische film. Misschien wel dezelfde motivatie die net leidde naar een uitgebreid netwerk van porno-dvd’s, -cinema’s, -sites.
Scandinavië was in de jaren 60 echter de unieke aanvoerder van de pornofilm die wel wat meer liet zien dan een paar blote knieën. De erotiek werd steevast verpakt in bizarre, psychedelische taferelen. We zien een naakte vrouw, paars belicht in een wolk van rook, gefilmd vanuit alle mogelijke hoeken. Het wekte de indruk naar kunst te kijken, een excuus waar het publiek dol op was. Zweden en Denemarken werden het symbool van vrijzinnigheid. Zelfs films waarvan de titel nog maar refereerde naar Scandinavië werden een geheid succes. Het kwaad geschiedde echter: na enkele jaren mochten de films de grens niet meer over.
Stevenson eindigt met een hallucinant stukje film waarin we binnenkijken in een Deense seksclub van de jaren 70: een koppel bedrijft live de liefde voor een publiek van deftige veertigers, vijftigers of zelfs grootmoedertjes (te veel lippenstift op de dunne lippen, permanentkrulletjes, een hoedje, een deftige mantel). De groep kijkt naar het tafereel als was het een schooltoneel van hun kleinkind.
De oude dronken man met muts en baard vraagt nog aan professor Stevenson hoe de situatie in Zweden tegenwoordig is. Zijn antwoord wordt gedempt door een verzadigd publiek, op zoek naar hun glas of hun auto. Soms is twee uren Scandinavische porno genoeg.
http://www.butff.nl/